Home De BDE uitgelegd Uitgebreid

Het verschijnsel nader bekeken

door Pim van Lommel, cardioloog (zie foto rechts)

lommel3Een bijna-doodervaring (BDE) is een geestelijke ervaring die kan optreden tijdens een periode van klinische dood, maar ook tijdens een periode van ernstige ziekte, een bijna-fatale situatie zoals een verkeersongeluk, tijdens een stervensproces of soms ook zonder duidelijke aanleiding. Bij wetenschappelijk onderzoek naar bijna-doodervaringen in Nederland zijn alleen mensen bestudeerd, die klinisch dood zijn geweest. Klinisch dood is een periode van bewusteloosheid ten gevolge van onvoldoende bloedvoorziening van de hersenen door het wegvallen van een adequate bloedsomloop en/of ademhaling, bijvoorbeeld bij een hartstilstand. Indien in deze situatie geen reanimatie wordt gestart ontstaat er na enkele minuten een onherstelbare schade van de hersencellen en zal de patiënt in alle gevallen overlijden. Ten gevolge van de moderne reanimatietechnieken van de laatste twintig jaar, zoals defibrillatie en pacemakers, is er een toename van het aantal geslaagde reanimaties. Toch wisselt het percentage mensen dat een hartstilstand overleeft, van ongeveer 55% op een hartbewakingsafdeling tot minder dan 10% van de mensen die een hartstilstand krijgen buiten het ziekenhuis.

Het verschijnsel dood in het dagelijks leven, en de confrontatie met de dood geeft veel spanningen, omdat de dood in onze huidige maatschappij taboe is, en de mensen zich ook niet actief bezighouden met de betekenis van wat dood zou kunnen zijn. Hoe komen wij in deze tijd aan onze denkbeelden over de dood, waarom zijn er zoveel mensen bang voor, wat gebeurt er eigenlijk als ik dood ben? Ook in de medische opleiding wordt nauwelijks een woord gewijd aan de dood, alleen aan ziekte, zodat ook artsen en verpleegkundigen in een continu gevecht zijn gewikkeld tegen de dood. Het sterven van een patiënt wordt nog

 

3507753940_044c2e735fveelal als een falen van het medisch beleid gezien, terwijl het voor een zwaar zieke patiënt toch een enorme bevrijding zou kunnen zijn. Het is "doodnormaal" dat er dagelijks mensen sterven, in Nederland overlijden 120.000 mensen per jaar, dat is 250 per dag. In de hele wereld overlijden per jaar ruim 70.000.000 mensen. Er bestaat echter nog steeds een toename van de wereldbevolking. Per jaar worden nog steeds meer mensen geboren dan er overlijden. Sterven is net zo normaal als geboren worden. De dood is echter, in tegenstelling tot geboorte, uit de maatschappij gehaald. De mensen sterven in ziekenhuizen, in verpleeghuizen, al bestaat er geleidelijk gelukkig steeds meer een trend dat patiënten thuis in hun eigen omgeving kunnen sterven. Als cardioloog zie ik ook dagelijks de doodsangst bij patiënt en familie bij het optreden van een acuut hartinfarct doordat er een doodsbesef ontstaat, een besef dat je het infarct ook niet zou kunnen overleven. Hierdoor komen ook vaak weggestopte problemen boven: problemen uit de werksituatie, uit de relationele sfeer en regelmatig ook oorlogstrauma's en kampervaringen.

Maar wat is dood, wat is leven, en wat gebeurt er als ik dood ben? De grens van de dood is belangrijk geworden voor de discussies over transplantaties, zoals harttransplantaties en lever- en niertransplantaties. Wanneer wordt een patiënt dood verklaard? Bij een ernstige hersenbeschadiging na een verkeersongeluk liggen patiënten aan de beademing, met infusen, met een kloppend hart. Wanneer mag nu worden besloten tot harttransplantatie? Wanneer en hoe kan worden bepaald dat de patiënt overleden is, terwijl er nog sprake is van een kloppend hart? In principe worden patiënten dood verklaard indien er sprake is van een onherstelbare beschadiging van de hersenfuncties, hetgeen soms lastig te diagnosticeren is, omdat alleen een vlak EEG meestal niet voldoende bewijs is voor een totale hersendood. Bij onderkoeling zoals bij een verdrinkingsgeval in koud water moet er rekening worden gehouden met de mogelijkheid van herstel van de hersenfuncties na wat langere termijn. Het aantonen van het ontbreken van bloedcirculatie in de hersenen is een van de mogelijkheden om hersendood te kunnen diagnosticeren.

Maar wat is dood? Tijdens het leven sterven per dag 500 miljard cellen af. Er is ook een voortdurende aanmaak van nieuwe cellen, met uitzondering van hersencellen bij mensen ouder dan 30 jaar. Tijdens het leven krijg je steeds een nieuw lichaam, op je tachtigste heb je ongeveer vijftig keer een nieuw lichaam gehad! Elk lichaam is ook biochemisch en fysiologisch gelijk, elk lichaam heeft bijvoorbeeld vrij identieke reacties op warmte, koude en koorts en bijvoorbeeld leverfunctie- of nierfunctieproeven zijn voor elk lichaam gelijk. Maar elk mens verschilt! Steeds hetzelfde ik komt tijdens het leven zo'n 50 keer in een ander lichaam, wat je kunt beseffen als je een foto ziet van jezelf of je ouders als baby of als kind. Celdood is dus iets anders dan lichaamsdood. Als de mens overleden is spreekt men ook van het lichaam als het "stoffelijk overschot".

Wat is de mens dan meer dan een lichaam alleen? Ben je je lichaam of heb je je lichaam? En waar ben ik als ik slaap, waar ben ik als ik droom, waar ben ik als ik bewusteloos ben, en waar ben ik als ik dood ben?

Men zou kunnen zeggen dat een mens uit drie delen bestaat: het lichaam, dat is het tijdelijke, stoffelijke aspect en dan de ziel, zowel de intellectuele kant als de emotionele kant. Daarnaast heeft de mens ook een geestelijk aspect, de spirituele of onstoffelijke kant. Hoe moeten we deze onzichtbare kant van de mens voorstellen? Vergelijk dit met muziek; muziek is er maar je hoort het pas dankzij een muziekinstrument. Muziek is niet afhankelijk van het instrument, of van het muziekboek. We kunnen de muziek ook "in ons hoofd hebben". Men kan het ook vergelijken met radiogolven, die zijn overal in de ruimte aanwezig en op hetzelfde moment in verschillende plaatsen. We kunnen radiogolven echter alleen waarnemen door middel van een apparaat dat die radiogolven kan ontvangen en uitzenden.

Je kunt het apparaat ook afstemmen op verschillende radiogolven en daardoor verschillende zenders ontvangen. Ons waarnemen is dus afhankelijk van het ontvangstapparaat. En als iets niet zichtbaar is kan het er toch zijn.

Radioactiviteit hebben we pas ontdekt doordat we metingsmogelijkheden hadden, magnetisme dankzij het kompas, röntgenstralen dankzij lichtgevoelige platen. Er zijn een hoop dingen die we niet kunnen zien maar wel via een ontvangstapparaat aan onze zintuigen kunnen doorgeven, en onze zintuigen zijn weer afhankelijk van onze hersenfunctie.

KoninginnepageMaar waarnemen is eigenlijk heel subjectief. Als twee mensen een wandeling gaan maken of op reis gaan en ze doen daar verslag van, dan krijg je twee volstrekt verschillende verslagen. Waarnemen is afhankelijk van waar je op let, waar je op gespitst bent, waar je aandacht aan geeft. Dat geldt ook voor een boek. Als je een boek na 10 jaar herleest is het een ander boek omdat je zelf bepaalt watje op dat moment belangrijk vindt.

De manier van waarnemen bepaalt ook de uitslag van bijvoorbeeld natuurkundig onderzoek. Licht wordt, of als trilling of als deeltjes waargenomen, afhankelijk van de onderzoeksopstelling. Dit geldt ook voor onderzoek van het hart, de elektrische activiteiten kunnen we meten door middel van een elektrocardiogram, de drukken van het hart kunnen we meten door middel van een hartkatheterisatie, de hartspierbeweging en de klepbeweging kunnen we zien door middel van een geluidsonderzoek, een echocardiogram. Met het ene onderzoek kun je bepaalde verschijnselen niet waarnemen of bewijzen, daar heb je dan weer een ander onderzoek voor nodig.

Tijdens het dromen hebben we eveneens een bepaalde manier van waarnemen. Waarnemen waarbij we emoties kunnen hebben en dingen kunnen zien, voelen en horen. Het bijzondere is dat er bij dromen geen tijd of afstand bestaat. Op het moment dat de wekker gaat, kun je een enorme belevenis hebben terwijl dat maar een fractie van een seconde heeft geduurd.

Waarnemen is subjectief en is gebaseerd op onze kennis die we tot op dat moment hebben, onze ervaringen, onze (voor)oordelen, en wat we eerder hebben gezien en meegemaakt. Als mensen wordt gevraagd een roos te beschrijven en af te beelden, dan heeft iedereen een eigen beeld van een roos: verschillende kleuren, verschillende vormen, in knop of volle bloei.llifafterlife

En als er wordt gevraagd een roos te tekenen, dan tekent iedereen zijn eigen roos. Als we echt naar een roos gaan kijken zien we pas hoe hij er uitziet. Maar als ik iemand die nog nooit een roos heeft gezien en waarvan hij het bestaan niet weet ga uitleggen wat een roos is, zal hij nooit datgene tekenen wat ik bedoel en wat ik probeer uit te leggen. Ik praat over een manier van waarnemen, over een vorm die ik ken, maar die de ander niet kent. Hij heeft geen idee, geen vooroordeel.

Datzelfde probleem hebben mensen met een BDE. Zij hebben iets meegemaakt, iets waargenomen en proberen ons duidelijk te maken wat ze hebben gezien en gehoord, waar wij geen voorstelling van hebben. Wij hebben dat zelf niet meegemaakt, en het wordt dus erg moeilijk om te begrijpen wat die mensen bedoelen. Toch zijn woorden de enige manier om het ons duidelijk te maken. Als we zulke verhalen horen moeten we proberen brengen.

Als cardioloog maak je zeer regelmatig mensen mee die een reanimatie hebben overleefd. En hierdoor heb ik de kans gehad vele mensen te spreken, die gedurende hun reanimatie een BDE hadden gehad. In 1971 vertelde voor het eerst een patiënt zijn BDE aan mij. Dat was tijdens mijn opleiding voor cardioloog. De zevende dag na een hartinfarct kreeg hij een acute hartstilstand terwijl hij zat te kaarten met andere patiënten. 14ij viel neer en binnen 60 seconden was hij gereanimeerd, zoals dat hoort op een hartbewakingsafdeling. Hij kwam bij en was eigenlijk erg teleurgesteld. Hij vertelde over een tunnel, kleuren, licht, prachtige bloemen en muziek. Ik heb er toen nooit wat mee gedaan, maar ik ben het nooit vergeten. De laatste jaren vraag ik echter altijd na een geslaagde reanimatie of patiënten zich wat herinneren van hun periode van hartstilstand, en ik probeer hem het geval van een doorgemaakte BDE ook tijd en ruimte te geven zodat patiënten hun verhaal kwijt kunnen.

MeisjeOBEDe term BDE is het eerst gebruikt door Moody, die gedurende zijn studie medicijnen voor het eerst geconfronteerd werd met het verhaal van een BDE en er in 1976 een boek over heeft geschreven. De term BDE zal ik verder blijven gebruiken hoewel hij niet ideaal is, omdat dezelfde soort ervaringen ook op andere momenten kunnen voorkomen. Je hoeft niet bijna-dood of klinisch dood te zijn om zo'n ervaring te hebben. Het komt ook voor bij bijna-verdrinking (kinderen), shock na bloedverlies na een bevalling, ernstige complicaties tijdens een operatie, coma na verkeersongelukken, hersenbloedingen, na mislukte zelfmoordpogingen maar soms ook bij een ernstige ziekte die toch goed afloopt. Ook kunnen BDE's voorkomen bij een bijna-fatale gebeurtenis zoals een bijna-ongeluk in het verkeer of bij bergbeklimmers. Een BDE komt echter ook voor in een periode van stress, isolatie, depressie of soms zelfs bij helder bewustzijn, ook worden identieke ervaringen gemeld bij patiënten in de stervensfase, waarbij dan gesproken wordt over een sterfbedvisioen.

Allereerst zal ik alle aspecten van een BDE belichten. Echter lang niet alle patiënten hebben een zeer complete, uitgebreide ervaring. Sommigen hebben slechts enkele aspecten van een ervaring meegemaakt. Wat bij iedereen die een BDE heeft gehad allereerst opvalt is de volledige oprechtheid en de emotionaliteit, en ook de onuitsprekelijkheid van de ervaring. Het is ontzettend moeilijk onder woorden te brengen wat ze hebben meegemaakt. Ze worden vaak niet geloofd, zodat na een tijdje de meesten het dan ook opgeven om er over te praten. Artsen en verpleging staan er in het algemeen niet voor open, maar zelfs naaste familieleden kunnen de ervaring afwijzen, zodat ze erg onzeker worden over hun BDE. De ervaring is zo intens, dat ze er ook na 20 jaar nog over kunnen praten alsof het gisteren is gebeurd. Vaak raken ze opnieuw heftig geëmotioneerd.

Gevoelens van rust en vrede  <<>>

Mensen die met een acuut hartinfarct worden opgenomen, met die heftige, angstige pijn, voelen zich plotseling heel rustig en vredig, gelukkig en warm, en zijn hun pijn kwijt.

Buiten het lichaam  <<>>

Opeens blijken de mensen buiten hun lichaam te zijn, ze zien een lichaam liggen, maar pas later beseffen ze dat het hun eigen lichaam is ("alsof ik mijn jas heb uitgedaan"). Er zijn verhalen van mensen uit Vietnam die op een mijn trapten en opeens een lichaam zonder benen zagen, waarmee anderen sjouwden. Pas enige tijd later realiseerden ze zich dat ze naar zichzelf keken, meestal vanuit de positie boven hun lichaam. Mensen op een hartafdeling kunnen hun eigen reanimatie zien, ze kunnen zien wat er gebeurt, horen wat er wordt gezegd. Op dat moment beseffen ze pas dat ze dood zijn; dat is heel vreemd omdat gedachten, waarnemen, bewustzijn en gevoelens, allemaal hetzelfde blijven. Ze hebben een compleet gevoel alsof ze een lichaam hebben, alleen voelen ze geen pijn. Soms komt er paniek omdat ze merken dat ze afgesloten zijn van de stoffelijke wereld, ze kunnen niet communiceren met artsen, verpleegkundigen en familie, ondanks hun pogingen worden ze niet gehoord of gezien. Maar wat de mensen na hun reanimatie weten te vertellen blijkt precies te kloppen. Hoe vaak ze een stroomstoot hebben gehad, wie een infuus heeft toegediend en wie er bij de reanimatie waren. Het is bekend dat mensen die doof of ernstig hardhorend zijn, tijdens hun reanimatie precies kunnen horen wat er wordt gezegd. Mensen die kleurenblind zijn, kunnen precies vertellen wat voor kleuren er waren. En het meest intrigerende is het verhaal van mensen die vanaf hun geboorte blind zijn op basis van overmatige zuurstoftoediening in de couveuse, die dus nooit hebben kunnen zien en die tijdens hun bijna-doodervaring hebben kunnen waarnemen -wat er precies bij hun reanimatie gebeurde, hoe de omgeving er uit zag, al is het voor deze mensen erg moeilijk te beschrijven wat ze hebben gezien, omdat ze geen referentiekader hebben, geen ervaring om onder woorden te brengen wat wij allemaal normaal vinden, omdat wij ons hele leven lang om ons heen hebben kunnen kijken.

We kunnen niet goed medisch verklaren hoe mensen die bewusteloos zijn, zonder hartslag, zonder ademhaling, zonder bloeddruk, kunnen waarnemen vanuit hun positie buiten en boven het lichaam.

Wat deze mensen vertellen, komt bijna letterlijk overeen met wat er staat in het Tibetaanse Dodenboek, dat ongeveer 400 jaar na Christus is opgeschreven. In dit boek staat beschreven wat mensen meemaken als ze overlijden en dat is bijna letterlijk wat mensen vertellen met een BDE: "Wanneer het bewustzijnsprincipe buiten het lichaam raakt zegt het tot zichzelf: ben ik dood of ben ik niet dood? Het kan het niet vaststellen, het ziet familieleden en bekenden zoals het tevoren gewend was ze te zien. Hij kan zien dat zijn voedsel apart wordt gezet en dat het lichaam van kleren wordt ontdaan en dat de plaats van de slaapmat wordt gereinigd. Hij kan het huilen en het klagen van zijn vrienden en verwanten horen, en ofschoon hij hen kan zien en horen, hoe ze hem aanroepen, kunnen zij niet horen hoe hij hen roept."

Een verpleegkundige van een hartbewakingsafdeling vertelt dat hij het volgende heeft meegemaakt. In de avonddienst brengt de ambulance een 44-jarige man op de afdeling. De patiënt wordt gereanimeerd. Hij is ongeveer een uur geleden in een weiland door voorbijgangers aangetroffen. Hij had toen geen polsslag en ademde niet. Het duurde lang voordat de ambulance ter plaatse was. In afwachting van de ambulance werd niet gereanimeerd. Bij binnenkomst op de hartbewaking zien we een cyanotische, comateuze man. Hij wordt met ballon en kapje beademd en er wordt hartmassage toegepast.

Bij het overnemen van de beademing blijkt dat patiënt nog een kunstgebit in heeft. Deze bovenprothese verwijder ik en leg ik op de "crash-car". Intussen gaan we verder met een uitgebreide reanimatie. Na ongeveer 1 uur heeft de patiënt weer voldoende hartritme en bloeddruk, maar hij wordt nog wel beademd. Hij is nog steeds comateus en wordt overgeplaatst naar de intensive care voor beademing. Na ongeveer 1 week komt patiënt terug op onze afdeling en hij is dan goed opgeknapt. Wanneer hij op de afdeling is, horen we dat hij zijn kunstgebit kwijt is. Ik krijg op een bepaald moment de zorg voor patiënt en ik ontmoet hem weer voor het eerst sinds de reanimatie. Hij reageert heel verrast als hij mij ziet binnenkomen en zegt mij dat ik wel weet waar zijn kunstgebit gebleven is. Ik ben erg verbaasd. Dan vertelt hij dat hij gezien heeft dat ik het kunstgebit uit zijn mond heb gehaald en dat ik dit op een karretje met flessen en apparatuur heb gelegd. Ik ben vooral erg verbaasd omdat ik mij herinner dat dit nota bene gebeurde op het moment dat de man diep comateus was en gereanimeerd werd. Bij verder doorvragen blijkt dat patiënt zichzelf in bed had zien liggen en dat hij van bovenaf waargenomen had hoe verpleegkundigen en artsen druk met de reanimatie bezig waren. Hij was op het moment dat hij dit tafereel gadesloeg erg bang geweest dat wij zouden stoppen met reanimeren en dat hij dan zou overlijden. De patiënt vertelt mij dat hij wanhopig getracht heeft ons duidelijk te maken dat hij nog leefde en dat we dus door moesten gaan met reanimeren.

Tunnelervaring  <<>>

Mensen vertellen dat ze het gevoel hebben door een donkere ruimte te gaan, meestal met een gevoel van stijgen, soms met een gevoel van vallen met in de verte een helder, niet verblindend licht waar zij naar toe getrokken worden. De meesten noemen het een tunnel. Sommigen zitten aanvankelijk alleen in die donkere ruimte, waar ze niet goed uit kunnen, en deze fase kan dan erg angstaanjagend zijn, zolang ze geen licht zien in de verte waar ze heen kunnen.

Betreden van een andere wereld,

ontmoeting met anderen  <<>>


Na de tunnel komen sommigen in een wereld van ongelooflijke schoonheid, waar ze andere wezens kunnen ontmoeten. Ze spreken van prachtige landschappen, bloemen, schitterende kleuren. Het is zoals je zelf in de wereld staat, want ook nu scheppen we een beetje ons eigen wereld.

Als we heel vrolijk zijn straalt iedereen om ons heen ook en als wij heel somber zijn of depressief is je omgeving dat ook. Maar die andere wereld is bijna altijd fantastisch, mooi, vredig, rustig. Ze kunnen die hele wereld overzien, bloemen van dichtbij en landschappen veraf. Er kan prachtige muziek gehoord worden, mooier dan we hier ooit hebben gehoord.

In die andere wereld ontmoeten ze soms overleden familieleden en bekenden die ze begroeten alsof ze thuiskomen. Deze bekenden worden altijd heel duidelijk herkend, soms zien ze er weer helemaal gezond uit terwijl ze zich hen nog herinneren als heel ziek en zwak in de periode voor hun overlijden. Er is ook vaak communicatie met hen. Ze noemen het wel praten, maar bij doorvragen is het toch meer via gedachten dan via woorden. Maar, zoals iemand na een BDE mij ooit vertelde, ook als wij een gesprek voeren is dat niet anders dan het onder woorden brengen van onze gedachten.

Het zien van overleden familieleden of bekenden is in ieder geval geen wensdroom. Als kinderen een BDE hebben, zullen ze bijvoorbeeld nooit hun nog levende ouders zien, maar bijvoorbeeld wel een overleden oma. Zo had een meisje, dat bijna verdronken was, een BDE. Toen ze bijkwam zei ze dat het niet erg was, dat het heel mooi was, en dat ze haar broertje had ontmoet. Daar schrokken de ouders ontzettend van, want ze had inderdaad een broertje gehad, maar dat was een paar maanden voor de geboorte van het meisje overleden en de ouders hadden nooit verteld dat ze een broertje had gehad.

Boeiend is ook wat Kubler-Ross schrijft over een Indiaanse vrouw die was aangereden op een snelweg ergens m Amerika. Ze lag zwaar gewond en iedereen reed er langs, tot er eindelijk iemand stopte. De vrouw was al erg rustig, ze was aan het overlijden. Maar ze zei: "Vertel aan moeder dat alles goed is en dat vader al bij mij is". De man was zo onder de indruk dat hij zo'n 1000 km heeft gereden naar het indianenreservaat waar haar moeder was. Daar bleek dat de vader van de vrouw een uur voor haar overlijden was overleden. Dat kon ze uiteraard niet weten!

Licht  <<>>

Mensen zijn eveneens in staat in contact te komen met een "stralend licht" of een, "wezen van licht". Dit is vaak het meest indrukwekkende van de gehele BDE. Aan het eind van de tunnel of in de wereld van ongelooflijke schoonheid ontmoeten ze een zeer helder licht waarin zij als het ware worden opgenomen. Het licht is niet verblindend, het straalt liefde en warmte uit, het geeft hun een gevoel van volledig geaccepteerd te zijn, een veilig gevoel van rust, van vrede, van liefde. Er kan een diepgaande communicatie zijn in een sfeer van liefde. De mensen vinden het heel moeilijk om dit licht te benoemen. Soms zeggen ze een engel, of Jezus; de woordkeus is afhankelijk van hun opvoeding en religieuze achtergrond en een kind zal het anders verwoorden dan een volwassene, maar eigenlijk zeggen ze ook allemaal dat er onvoldoende woorden bestaan om dit gevoel van licht en liefde te beschrijven.

In aanwezigheid van het licht of lichtwezen krijgen de mensen een soort levensfilm, een levenspanorama te zien, waarbij ze opnieuw hun leven meemaken. Alle daden en gedachten trekken aan hun geestesoog voorbij. Ze ervaren opnieuw wat er is gebeurd, echter ook met emotie vanuit de ander. Als je iemand liefde hebt gegeven, merk je dat het liefde was. Als je iemand kwaad hebt gedaan voel je dat het niet goed is geweest. Dat is geen oordeel, maar dat is inzicht. Op dat moment zijn we in het bezit van weten, van kennis en we zien het gevolg van onze gedachten en van onze daden voor onze medemens. Op die manier leer je hoe je echt moet leven. De levensflits kan ook zeer gedetailleerd zijn en teruggaan tot de vroegste jeugd. Tijd bestaat niet, want hoewel ze hun hele leven opnieuw beleven, als een soort driedimensionale film, een soort hologram waar je middenin zit, kan een periode van klinische dood beperkt zijn tot 60 seconden! Mensen die tijdens hun BDE een levensfilm hebben gezien zeggen dat ze hebben leren inzien dat onvoorwaardelijk liefhebben het allerbelangrijkste in ons leven is en dat geestelijke groei de enige reden is van ons bestaan op aarde.

De grens  <<>>

In de andere wereld komen de mensen aan een soort grens, een barriere, veroorzaakt door mist, een rivier of een muur waar ze niet langs kunnen. Later zeggen ze: "Ik wist dat als ik hier passeerde ik nooit meer terug zou komen".

De terugkeer  <<>>

En dan komen de mensen terug omdat ze weten dat het hun tijd nog niet is of omdat ze weten dat ze nog een taak hebben te vervullen, bijvoorbeeld de zorg voor hun kinderen, voor hun ouders. Soms hebben ze het gevoel dat ze worden teruggestuurd door bijvoorbeeld hun overleden familieleden, maar uiteindelijk lijkt het toch een eigen keuze, dat zij terug zijn gegaan. De terugkomst in je zieke lichaam, met opnieuw de pijn van het hartinfarct, of de pijn van de ernstige ziekte, is erg moeilijk en zwaar. Daarom zijn de mensen soms hevig teleurgesteld, omdat het gedurende hun BDE, gedurende hun periode van bewusteloosheid, zo mooi, rustig en vredig was.

Ik ken een hartchirurg die hard bezig was geweest met een patiënt om hem opnieuw tot leven te wekken. De eerste en enige reactie van patiënt was toen hij bijkwam er een van boosheid. Boos dat hij er weer was. Dat heeft die hartchirurg nooit goed kunnen verwerken. In eerste instantie was hij als arts teleurgesteld en beledigd, omdat de patiënt niet dankbaar was. Later heeft de patiënt contact met de hartchirurg opgenomen en hem uitgelegd waarom lui zo boos en teleurgesteld was. Uiteindelijk zijn de meeste mensen dankbaar dat ze terug zijn, met het gevoel dat ze nog een bepaalde opdracht in hun leven kunnen volbrengen; de zingeving is duidelijker geworden. Maar de eerste reactie Is meestal anders.

Vertellen is moeilijk  <<>>

De hele ervaring is erg persoonlijk en erg emotioneel. Daarom valt het ook heel moeilijk om er over te praten. Aan de echtheid van de verhalen van de mensen die een BDE hebben gehad hoeft volstrekt niet getwijfeld te worden. Maar de mensen zijn vaak bang om niet geloofd te worden. Ze vinden het zelf al moeilijk om te geloven en te beseffen dat het echt is gebeurd. Het is vaak erg geruststellend om te vernemen dat anderen ook deze ervaring hebben gehad.

"Nooit heb ik er met artsen over gepraat. Ik werd naar de psychiater gestuurd. Ik werd nooit geloofd. Daarna vertelde ik nooit meer iets. Artsen moeten beter leren luisteren". "U bent de eerste vreemde op Gods aardbodem aan wie ik dit verhaal verteld heb, want ik begrijp best dat het onwaarschijnlijk was, dat het als een droom klinkt, maar het was werkelijkheid. Ik vergeet het nooit".

Levensveranderingen,

geen angst meer voor de dood  <<>>

Door de BDE ontstaat er een inzicht in wat essentieel is in je leven, namelijk onvoorwaardelijke liefde en kennis. Het is een soort inwijding tot een geestelijk bewustzijn in ons lichamelijke aardse bestaan. In onze maatschappij wordt echter, door alle conditionering die we hebben ondergaan, de BDE als traumatisch ervaren, terwijl het op zich geen psychotraumatische ervaring is. Men zou zelfs kunnen zeggen dat het een voorrecht is om een BDE te krijgen, omdat men de kans krijgt om inzicht te verwerven in de essentie van leven en dood. Doordat de mensen echter niet willen afwijken van de sociale norm, wordt het hen moeilijk gemaakt de BDE te accepteren en men neigt allereerst ook tot ontkenning. Hierdoor kan de ervaring ook niet goed verwerkt worden. Dit wordt nog eens verstrekt door onbegrip en ontkenning van familie, kennissen, artsen en verpleegkundigen. Iemand omschreef het zo: "Naast een positieve herinnering aan mijn BDE was dit ook een periode van grote eenzaamheid ten gevolge van het onbegrip (en de daaruit voortvloeiende angst en zelfs agressiviteit) die ik vanuit mijn directe omgeving heb ervaren."

Bij mensen die een BDE hebben gehad dringen zich veel vragen op: waarom heb ik deze ervaring gehad tijdens mijn crisisperiode? Waarom moest ik terug? Wat moet ik met deze ervaring, moet ik er eigenlijk wat mee doen? Welke taak heb ik in mijn leven? Waarom ga ik over de dingen anders nadenken? Waarom zeggen anderen dat ik veranderd ben? Waarom ben ik niet meer bang voor de dood? Waarom voel ik anderen soms haarscherp aan?

Verder gaan na een BDE heeft alles te maken met het stellen van deze vragen. Door het praten over de ervaring, het erover lezen en het zien van bepaalde programma's komt de BDE weer boven met alle emoties. Als men die emoties toelaat, komt men soms weer in contact met bepaalde aspecten van de BDE die men blijkbaar weggestopt had. Communicatie over de BDE helpt bij de verwerking, Men bepaalt echter zelf wat men er mee wil doen en kan doen en ook hoe lang dat zal duren. De meesten hebben vele jaren nodig om hun BDE te integreren in hun leven met alle mogelijke gevolgen voor hun situatie in de naaste omgeving zoals huwelijk, werk en vriendenkring.

Heimwee, eenzaamheid  <<>>

In de jaren na de BDE worden vaak eenzaamheid en heimwee gevoeld. Het besef terug te zijn in het zieke lichaam, met alle pijn, met soms traag herstel of soms blijvende lichamelijke beperkingen kan een sterk heimwee veroorzaken naar die prachtige omgeving, waar je je volledig geaccepteerd en gelukkig voelde. Heimwee naar de volmaakte liefde, naar dat geaccepteerd zijn zoals je bent, met je beperkingen. Hierdoor kan op een BDE soms een periode van depressie volgen, bij het wanhopig zoeken naar het antwoord op de vraag "waarom moest ik weer terug?" Mensen die zichzelf, en dus hun "dode" lichaam hebben zien liggen (autoscopie) hebben bewust meegemaakt dat ze geen contact meer konden maken met de wereld om hen heen: "Ze horen je niet ze zien je niet, je gaat door alles heen". Op zo'n moment kan iemand zich vreselijk eenzaam voelen. Dit gevoel van eenzaamheid kan blijven bestaan, als je merkt dat je niet meer begrepen wordt als je terug bent, en dat je door je omgeving wordt genegeerd als je probeert te praten over je BDE.

Isolement  <<>>

Als mensen een levenspanorama hebben gehad, hun hele leven opnieuw hebben aanschouwd van babytijd tot aan het ziekbed, dan hebben ze inzicht gekregen in wat zij goed hebben gedaan, maar ook in wat zij niet goed hebben gedaan en welke kansen zij hebben laten liggen. Ze hebben ervaren, dat niet alleen elke handeling, elke daad, maar ook elke gedachte een energieveld is dat invloed uitoefent op hun omgeving en op henzelf. Alles wat zij hebben gedaan en gedacht blijft bestaan en heeft betekenis! Hierdoor ontstaat niet alleen de behoefte dingen weer "goed te maken" (hetgeen natuurlijk nooit kan!) maar ook het besef dat zij uiterst zorgvuldig met hun gedachten en daden om moeten gaan, dat aandacht en liefde voor anderen en voor de natuur essentieel zijn. En als iemand zo probeert te leven, kan dat het verlies van de partner of van vrienden met zich meebrengen. De naaste omgeving begrijpt de verandering niet en voelt de intentie ook niet aan. Familie en kennissen hebben het gevoel dat de persoon na zijn BDE volledig veranderd is en herkennen in hem niet meer de oude vriend of partner.

Geen angst meer voor de dood  <<>>

"Dood is een voortbestaan in andere vorm", zei iemand na zijn BDE. "Dood bleek niet dood te zijn maar een andere vorm van leven. Hierdoor ben ik niet meer bang voor de dood. Ik heb nu het inzicht dat ik nu wat met mijn leven moet doen." En een ander citaat: "Het ligt buiten mijn domein te discussiëren over iets dat alleen door de dood bewezen kan worden. Voor mijzelf was deze ervaring echter doorslaggevend om mij ervan te overtuigen dat bewustzijn ook na het graf blijft bestaan.

De betekenis van het leven neemt toe, het besef dat het enorm belangrijk is liefde en aandacht te geven aan de medemens, de natuur, aan de aarde. Maar dit botst met oude waarden. Door het nieuwe inzicht dat dood eigenlijk niet bestaat wordt men zich bewust van het belang om anders te gaan leven: geld, carriere en maatschappelijk aanzien worden minder belangrijk. Soms lukt het iemand (na jaren) zijn inzicht over de dood te gebruiken in stervensbegeleiding. Dan kan iemand positief gebruik maken van het inzicht dat hij over sterven en dood heeft meegekregen door de BDE.

Religiositeit  <<>>

Door de ontmoeting met het lichtwezen, of het zijn in een hemelse omgeving neemt het gevoel van religiositeit toe, mensen gaan zich met alleen verdiepen in de bijbel maar ook in andere religieuze en filosofische boeken. Kerkelijke mensen hebben niet meer de behoefte aan de kerk als instituut. Soms kan dit tot een strijd leiden tussen het eigen geweten en de eigen religieuze gevoelens, en wat de kerk van je eist.

Verhoogde intuïtie <<>>

Tijdens een BDE bestaat er geen tijd of afstand. Na de BDE kan dit gevoel blijven bestaan. Men is zich dan bewust van een "tijdloosheid". Tijdens een BDE ziet iemand m een paar seconden of minuten zijn hele leven terug, terwijl het dagen zou kosten om daarover te praten. Daarbij komt dat men tijdens een dergelijke ervaring tegelijk op verschillende plaatsen uit het verleden kan zijn. Soms hebben mensen tijdens hun BDE ook beelden van wat nog moet komen, van de toekomst. In de andere dimensie zijn verleden, heden en toekomst op hetzelfde moment aanwezig. Naar de aardse tijdbegrippen is dat niet mogelijk.

Na een BDE kunnen mensen een verhoogde intuïtie krijgen. Dit leidt tot voorspellende gevoelens en dromen en tot telepathie, het aanvoelen van anderen op afstand. Als men de gevoelens en gedachten van anderen kan aanvoelen, spreekt men van helderhorendheid, heldervoelendheid of ook helderziendheid. Sommigen zien ook energievelden om mensen heen (aura's) en voelen problemen, ziekten en pijn bij anderen aan. Men neemt dan waar buiten de normale zintuigfuncties om, afstand en tijd spelen daarbij geen rol meer. Deze hogere intuïtie kan mensen overrompelen en angstig maken, doordat deze kanalen van niet-zintuiglijke waarneming opengaan door een BDE komt alles uit de omgeving op je af. Het kan jaren duren voordat iemand met deze "nieuwe eigenschap" in evenwicht komt. Soms is men later ook in staat er anderen mee te helpen. Ook deze bijzondere gevoeligheid, deze intuïtie, is niet goed bespreekbaar. Het maakt anderen angstig (ze weten alles van me!) en kan dus een sterk sociaal isolement veroorzaken, zeker als iemand er te snel openlijk voor uitkomt en er "spontaan" dingen uitflapt die hij of zij "voelt" of "ziet".

De opvang  <<>>


De opvang vlak na de BDE is bepalend voor het verwerkingsproces. De opvang dient voornamelijk te bestaan uit luisteren en bevestigend reageren op wat de patiënt over zijn BDE kwijt wil. Het kan ook belangrijk zijn om te vertellen dat wat de patiënt heeft meegemaakt, waarschijnlijk een BDE is. Een naamgeving lijkt cruciaal in het verwerkingsproces. De mensen kunnen meer over een BDE gaan lezen en kunnen ook andere mensen ontmoeten die een BDE hebben gehad.



<<>>

--------------------------------------------------------------------------------